De Nederlandse zorg staat voor een belangrijke uitdaging: hoe kunnen zorgorganisaties met minder mensen toch goede en toegankelijke zorg blijven bieden?

De eerste Innovatiemonitor voor de Zorg 2026 laat zien dat zorgorganisaties vooral sterk zijn in het verbeteren van bestaande zorg. Fundamentele vernieuwing en digitale transformatie komen daarentegen nog onvoldoende van de grond.
De Innovatiemonitor is uitgevoerd door Amsterdam UMC, de Universiteit van Amsterdam en SEO Economisch Onderzoek, in opdracht van het Amsterdam Research Center for Health Economics and Management (ARCHEM). De monitor brengt het innovatievermogen van Nederlandse zorgorganisaties in kaart aan de hand van vijf zogenoemde hefbomen: zelforganisatie, transformationeel leiderschap, menselijk kapitaal, sociaal kapitaal en digitale transformatie.
Sterk in samenwerking, minder sterk in digitalisering
Uit het onderzoek blijkt dat de eerste vier, vooral sociale, hefbomen sterker ontwikkeld zijn dan digitale transformatie. Zorgorganisaties zijn relatief goed in zelforganisatie, leiderschap en samenwerking, maar de organisatiebrede toepassing van digitale technologie blijft achter.
Ook op het gebied van AI is de zorg minder volwassen dan het bedrijfsleven. AI wordt vooral ingezet om medewerkers te ondersteunen, en nog beperkt om menselijke taken daadwerkelijk te vervangen.
Volgens Henk Volberda, hoogleraar Strategic Management & Innovation, is investeren in ICT alleen niet voldoende. Technologie leidt volgens hem pas tot echte vernieuwing wanneer organisaties ook hun werkprocessen aanpassen, professionals betrekken en duidelijk maken hoe technologie de zorg verbetert of het werk beter uitvoerbaar maakt.
Verbeteren lukt beter dan vernieuwen
De monitor laat daarnaast een duidelijk verschil zien tussen incrementele innovatie - het steeds verder verbeteren van bestaande zorg - en fundamentele of radicale vernieuwing. Vooral doelmatigheid, planbaarheid en veiligheid krijgen veel aandacht. Experimenteren met nieuwe werkwijzen en leren van wat niet direct werkt, gebeurt nog relatief weinig.
Daar ligt volgens de onderzoekers een belangrijke opgave. De zorg heeft niet alleen behoefte aan verdere verbetering van wat er al is, maar ook aan ruimte om nieuwe manieren van werken te ontwikkelen.
Zorgprofessionals missen tijd en vaardigheden
Opvallend is dat zorgprofessionals innovatie minder positief beoordelen dan management en staf. Hoewel zij innovatie over het algemeen wel als onderdeel van hun eigen rol zien, beschikken zij niet altijd over de kennis en vaardigheden om actief aan zorgvernieuwing bij te dragen.
Ook ontbreken volgens de onderzoekers regelmatig belangrijke randvoorwaarden, zoals tijd, ruimte, zeggenschap en gerichte training.
Annamarike Seller-Boersma, co-directeur van ARCHEM, noemt dit een duidelijke oproep aan bestuurders, overheid en zorgverzekeraars om professionals meer ruimte te geven om daadwerkelijk met innovatie aan de slag te gaan.
Meer samenwerking over de zorggrenzen heen
Bij innovatie werken zorgorganisaties vooral samen met andere zorgaanbieders binnen hun eigen domein. Ook patiënten, cliënten en leveranciers worden regelmatig betrokken. Samenwerking met zorgverzekeraars, zorgkantoren en overheden komt minder vaak voor.
Juist daar liggen volgens de onderzoekers kansen. Zorgvernieuwing stopt immers niet bij de grenzen van een organisatie of zorgsector. Zorgverzekeraars, zorgkantoren en overheden zijn nodig om de juiste voorwaarden voor vernieuwing te creëren.
Jeroen de Mast, eveneens co-directeur van ARCHEM, benadrukt dat innovatie niet iets is wat organisaties er eenvoudigweg bij kunnen doen. Er is een samenhangende innovatie-infrastructuur nodig waarin continu verbeteren, digitalisering en AI met elkaar verbonden zijn.
Ruimte voor innovatie naast de dagelijkse zorg
Een belangrijke belemmering is de voortdurende spanning tussen de dagelijkse zorgverlening en de tijd en capaciteit die nodig zijn voor vernieuwing. Zorgprofessionals en managers komen daardoor gemakkelijk in een spagaat terecht: de zorg moet vandaag doorgaan, terwijl er tegelijkertijd gewerkt moet worden aan de zorg van morgen.
Volgens de onderzoekers moet deze spanning expliciet worden erkend. Alleen wanneer daar ruimte voor wordt gemaakt, kunnen losse innovatie-initiatieven uitgroeien tot een structurele en samenhangende innovatiepraktijk.
De boodschap van de Innovatiemonitor is daarmee duidelijk: vergrijzing, personeelstekorten en stijgende kosten vragen niet alleen om efficiëntere zorg, maar ook om een andere manier van werken. Daarvoor zijn niet alleen technologie en goede ideeën nodig, maar vooral ruimte, vaardigheden, samenwerking en een organisatie die innovatie daadwerkelijk mogelijk maakt.
| Over de Innovatiemonitor voor de Zorg De Innovatiemonitor voor de Zorg is een nieuw jaarlijks vragenlijstonderzoek naar het innovatievermogen van Nederlandse zorgorganisaties. De monitor richt zich op niet-medische vernieuwing van de organisatie en uitvoering van zorg, noodzakelijk om de zorg betaalbaar en bemensbaar te houden. In totaal hebben 421 respondenten uit 9 zorgorganisaties deelgenomen aan deze eerste editie in 2026. Daarnaast zijn 23 sleutelinformanten geïnterviewd. |
Geselecteerde vacatures
Als interventiemedewerker cardiologie assisteer je de cardioloog bij zowel diagnostische als behandelingsinterventies, zoals het uitvoeren van hartkatheterisaties, dotterbehandelingen en pacemakerimplantaties. Je werkt samen in een multidisciplinair team van interventie medewerkers,
Wil jij als stomaverpleegkundige patiënten persoonlijk begeleiden vóór en na een stoma-operatie? Bij SJG Weert krijg je de ruimte om zelfstandig te werken, een eigen spreekuur te voeren en patiënten
Wil jij als verpleegkundige patiënten begeleiden rondom een endoscopisch onderzoek en bijdragen aan een veilige en prettige zorgervaring? In het Endoscopiecentrum van het Radboudumc richt je je op de voor-